‘A BEAUTIFUL DAY IN THE NEIGHBORHOOD’

Dat zouden we allemaal wel willen. Rust en begrip. De vriendelijke houding die daar bij hoort. Dat je niet op je hoede hoeft te zijn, maar weet dat er iemand aan de andere kant, of beter nog: naast je zit, die niet zegt dat hij/zij je begrijpt, maar dat ook laat blijken. Vragen en antwoorden. Tijd nemen. Oftewel, de betekenisvolle aandacht waar ik hier rond de kerstdagen wel eens vaker om heb gevraagd. Trouwens, alsjeblieft niet alleen wanneer je links en rechts de kerstbomen en feestverlichting tegenkomt. Begin er gewoon eens mee op 1 januari.

Wat dat betreft is ‘A Beautiful Day in the Neigborhood’ (2019) de ultieme kerstfilm. Ik ben hem toevallig tegengekomen. Het is dat mijn favoriete filmsite Rotten Tomatoes deze film met een score van 95% heeft gewaardeerd, anders had ik überhaupt niet gekeken. Zoetsappig, beetje kinderlijk. Flauw. Zo leek het mij. Ben meer van de thrillers, sterke biopics, groot drama en af en toe zoiets als Pulp Fiction. Letterlijk. Dus Quintin Tarantino en Martin Scorsese, in plaats van Marielle Heller (wie?) die deze film heeft geregisseerd.

Datzelfde gevoel had ik zo ongeveer in het eerste kwartier, met rijdende, lief gekleurde treintjes in een decor met poppen en zo. Maar naarmate de minuten verstreken – ik ben geen quitter – ben ik steeds rechter in mijn stoel gaan zitten. Jeetje, wat gebeurt hier allemaal. Zo’n verhaal, en aansluitend: wat een rake vormgeving, in beeld en geluid.

Een verbluffend sterk acterende Tom Hanks (Oscarnominatie) zet niemand minder neer dan Fred Rogers (1928-2003). Mr. Rogers was een Amerikaanse televisiepersoonlijkheid, die in aanvang programma’s maakte voor kinderen van alle leeftijden. Het was zo’n momentje in de week dat kinderen zich gehoord voelden. En dat niet alleen, ze kregen ook handvatten om te leren omgaan met hun grote en kleine problemen. Pesten, dik zijn, niet meekunnen met de schoolsporten. Ouders die gaan scheiden en/of elkaar de tent uitvechten. Verhuizen. Grote broer of zus die je wegduwt, letterlijk en figuurlijk. Mr. Rogers kon dat geweldig verbeelden, en met hem dus Hanks.

Geef ze alsjeblieft de aandacht die ze verdienen. Dat zit in luisteren, kijken, vragen en spelen. Ga een keer communiceren, alsjeblieft. Hoe klein ze ook zijn. Het zijn je kinderen! (Photo by Kevin Gent on Unsplash)

Een zich belangrijk voelende journalist, Tom Junod die in de film Lloyd Vogel heet, krijgt van zijn werkgever Esquire de opdracht om een portret van Mr. Rogers te maken. Een stukje Human Interest. Gewoon, hou het klein. Een paar honderd woorden. Niks bijzonders. Zoek hem op en doe je ding. Acteur Matthew Rhys, die Junod neerzet, heeft niet zo’n dankbare rol, zo lijkt het. Hij is altijd boos, voelt zich ondergewaardeerd en draagt existentiële problemen uit zijn jeugd met zich mee. Een huwelijk dat ook niet zo vlotjes verloopt, natuurlijk niet. Omdat er niet werd, en nog altijd niet wordt gepraat. Omdat er geen aandacht was, en nog altijd niet is. Omdat zijn vader zijn moeder in de steek had gelaten, nota bene tijdens haar terminale ziekte. Als Junod en Rogers elkaar voor de eerste keer ontmoeten – het verhaal is echt gebeurd – draagt de interviewer zelfs de sporen van een vader/zoon-gevecht op zijn gezicht. Rogers is er de man niet naar om dat onbesproken te laten.

Nee, geen confrontatie, laat staan verwijten. Wél warme aandacht. Omdat ik om je geef. Uitzoeken wat er achter zit zonder dat met zoveel woorden te vragen. Een gesprek doet wonderen.

In dezelfde week dat ik deze film zag, en er stil van werd, las ik de uitkomsten van een internationaal onderzoek onder 15-jarigen in 81 landen. Nederland presteert op het gebied van leesvaardigheid ruim onder het gemiddelde van de OESO-landen. Van de veertien deelnemende EU-landen scoort alleen Griekenland slechter. Wiskunde en natuurwetenschappen komen ook aan bod. Het zijn ontluisterende grafieken, zeker ook voor Nederland. De gemeten onzekerheid ook, vooral onder meisjes. En vandaag las ik nog dat het geven van zwemles een hopeloze opgave is. Omdat ze na één baantje al niet meer verder kunnen, en willen zwemmen. Waar het wél crescendo gaat, op al deze onderwerpen, zijn landen in het Verre Oosten. Gek, nooit geweten. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst.

Als het morgen of daarna in het weekeinde droog is en ik overdag een stukje met de hond ga wandelen of fietsen, kom ik ouders tegen achter de kinderwagen. Eén arm om die voort te duwen, de andere om het mobieltje waar ze voortdurend naar kijken vast te houden. Of ze zitten op een bankje, van alles te doen met datzelfde beeldschermpje, terwijl hun kind slaapt. Of niet. Dat weten ze zelf ook niet, want er is absoluut geen aandacht voor. Wat je niet krijgt kun je ook niet geven. Dat wist Rogers al in de vorige eeuw.

Zwemleraren maken zich grote zorgen over de gezondheid van kinderen. Hun motoriek gaat achteruit, ze zijn minder fit en hebben vaker overgewicht. Na één baantje hangen ze als versuft aan de lijn en willen ze naar de wc om bij te komen.

Hoeveel aandacht geven ze – ik spreek vanaf vandaag in dit verband nooit meer van ‘we’ – aan hun kinderen? Wél een mobieltje, maar geen zwemles. Wél naar de bioscoop, maar niet meer buitenspelen. Wél een pizza laten bezorgen, niet samen koekjes bakken.

Het lijkt zoetsappig, beetje kinderlijk. Flauw. Junod heeft dat inhoudelijk allemaal bestreden, niet met een paar honderd woorden maar in een coverstory (1998) voor Esquire van 10.000 woorden onder de kop “Can You Say … Hero?” Daar is ‘A Beautiful Day in the Neighborhood’ op gebaseerd. Ja, Mr. Rogers was een regelrechte held die tussen de opnames door ook nog even de familie van Junod zich met elkaar heeft laten verzoenen. Een missie waarvan ze in deze feestmaand en voor alle jaarwisselingen daarna zoveel kunnen leren. (Maar het niet zullen doen.)

Dat zegt alles over de toekomst die ons te wachten staat, zie ook die statistieken. Maar, dat voert voor nu te ver. Het zijn al veel teveel woorden geworden: 964.

Wat vind je eigenlijk zelf?

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.