Tijd voor een blog. Je wilt die gemiddeld wekelijkse routine vasthouden. Maar zoals wel vaker, en hier ook meermaals opgeschreven, vind je het bijna pervers om deeltje IV van de korte serie over je zoveelste rafelige-randenreis op te schrijven. Ton, de wereld staat in brand. Soms letterlijk, altijd figuurlijk. Amerika heeft Europa al opgegeven, zelfs met zoveel woorden. Een dikke middelvinger krijgt het oude continent van haar belangrijkste partner. Die dus geen partner meer is, maar een nieuwe vijand. Ze vinden daar dat volksverlakkers als Marine Le Pen, Geert Wilders, Alice Weidel en Victor Orbán de klassieke kar moeten gaan trekken. Schijt aan de democratie, wég met de nationale vrijheden. Het is maar één voorbeeld, maar het maakt me misselijk.
Even verderop, aan de andere kant, bedreigt Vladimir Poetin ons op alle mogelijke manieren. Hij probeert van alles uit, en waar ik eerder nog wel wilde denken dat het allemaal is samen te vatten onder het kopje ‘provocatie’ – een wedstrijdje vér-plassen – , geloof ik inmiddels dat het hem ernst is geworden. Niks uitproberen, het is een opmaat naar meer. Naar erger. Daar komt in mijn geval bij, dat ik dit weekeinde een boekje uit mijn brievenbus kon halen met officiële berichtgeving, en richtlijnen, van de overheid hoe straks om te gaan met oorlog en vernietigende aanslagen op onze infrastructuur. Water, blikvoer en batterijen. Hou er maar rekening mee. Dat zeg ik niet, maar wel onze regering.
Ik ben voor mezelf even het rijtje afgegaan, en hoop straks het juiste moment te kiezen om naar Ierland te vertrekken. Met mijn campertje heb ik zoiets als een noodkeuken, als ik mijn tweede gasfles meeneem hou ik het wel even uit. Maar moet ik dan ook altijd zorgen voor een verse watervoorraad in dat ding? Nog meer brandstof meenemen? Ook handig voor het noodaggregaat dat ik wil gaan aanschaffen. Ik heb zelfs, het boekje opengeslagen voor mij en kijkend naar de kerstverlichting in en rond mijn huis, zitten tellen hoeveel mensen ik kan meenemen. Om tot de ontdekking te komen dat ik twee plaatsen, en als het echt helemaal moet één plek te kort kom. Aan wie er afvalt heb ik verder niet willen denken.
Ernstige, maar hoogst officiële waarschuwingen en procedures voor als het zover is. Straks, morgen? Volgende week? Afkomstig van de regering. Een regering die er eigenlijk niet is. Want zij wil niet met hem, en hij wil niet met hun. Ze komen er niet uit. En dat in deze omstandigheden. Ze kijken niet verder dan de eigen voordeur, maar durven wel zo’n boekje op iedere deurmat in dit land achter te laten. Het maakt me ziek.

Hoe diep kruip je in het hol van de antichrist? Het gebeurt allemaal in dagen. Donald Trump ontstijgt het “daddy” van Mark Rutte en krijgt de gouden versierselen die behoren bij de eerste vredesprijs die de FIFA uitreikt. Een zware medaille en een wanstaltige beker. De parallellen met de misgelopen Nobelprijs zijn onontkoombaar. Alleen, hier is geen sprake van een jury, noch van andere kandidaten. En zo’n beker, daar zouden ze zich in Oslo alleen al esthetisch diep voor schamen. De nieuwe tijd. Maar ik ga er niet aan wennen. Ik wil niet.
Er was een tijd…. dat corruptie, bedrog, liederlijkheid en nepotisme zich afspeelden in kamers of zalen ‘achteraf’. De vaak naïeve wereld wist er niets van, en had er niks mee te maken. Nu wordt het gewoon in je gezicht gesmeten. Niemand doet er iets aan, want ‘we’ klappen, juichen en maken er een groot feest van. En gaan straks gewoon lekker voetballen daar. Nee, je moet sport en politiek altijd gescheiden houden. Dus ook, ik herhaal, bij corruptie, bedrog, liederlijkheid en nepotisme. Het is van alle jaren. Klopt. Maar het is inmiddels wel geïnstitutionaliseerd in landen die ooit vochten en vele mensenlevens hebben geofferd voor ‘vrijheid en democratie’. Die volksliederen zullen gewoon klinken.
De warmste 7 december ooit, zo hoor ik net op de radio. Met songs uit de zestiger en zeventiger jaren.
Maar, Ton, je zou toch iets schrijven over Joods Polen? Nou, dat heb ik misschien impliciet al wel gedaan. Ik kon het niet laten. Je hebt niet voor niets kortgeleden zo ademloos naar ‘The Pianist’ zitten kijken, toch? Als je ons prikt, bloeden we niet. ? Als je ons kietelt, lachen we niet. ? Als je ons vergiftigt, sterven we niet. ? En als je ons kwaad doet, zullen we geen wraak nemen. ?
Dan schrijf ik de volgende keer wel wat ik hier en nu oorspronkelijk van plan was. Over het uiterste zuidoosten van dat land en mijn afsluiting in Krakau. Met niet de lijst van mijn campertje, maar van Schindler.
